• Onderzoek Deeleconomie: bereidheid te delen zeer hoog

    We wisten natuurlijk al dat er talloze platforms zijn waarop je spullen, hulp, verblijf, kennis en voedsel kunt delen of peer 2 peer kunt verkopen en verhuren. Ook zien we dat die platforms behoorlijk groeien, tienduizenden mensen maken er (dagelijks) gebruik van. Maar hoeveel mensen doen nog niet mee en zijn wel bereid spullen en hulp met anderen te delen en van anderen te krijgen of te lenen? Die vraag stelde Pieter van de Glind en hij studeerde er op af. Het antwoord is: bijzonder hoog, van de ondervraagden gaf 84,1 % aan bereid te zijn om iets te delen met vreemden.

    Lees hier de samenvatting van zijn onderzoek:

    De Nederlandse deeleconomie groeit hard. De afgelopen jaren zijn er naast initiatieven zoals het huis van overvloed, ook een veelvoud aan online platformen ontstaan die het lenen, ruilen, kopen en huren van diensten en goederen mogelijk banja luka singles maken. De vraag die bij deeleconomie bedrijven, overheden, academici, media en in het bedrijfsleven steeds luider klinkt is; hoe ver groeit dit nog door? Is er sprake van een trend? Of van een fundamentele verandering binnen de maatschappij naar een nieuwe manier van produceren en consumeren?

    Het afgelopen halfjaar interviewde Pieter van de Glind 20 gebruikers van drie verschillende deelplatformen (Thuisafgehaald, Peerby en Konnektid) over hun motieven. Vervolgens testte hij de bereidheid van 1330 Amsterdammers om deel te nemen aan de deeleconomie. De gekozen voorbeelden uit de deeleconomie zijn; objecten (boor of fiets), auto’s, ritten, maaltijden, tuinen, accommodatie en vaardigheden. Tot slot onderzocht hij de motieven die de 1330 Amsterdammers hebben voor het willen deelnemen aan de deeleconomie. De respondenten waren bijna allemaal 35 jaar of ouder en voor 96 procent van hen was de deeleconomie nieuw.

    De resultaten laten een behoorlijke bereidheid zien. Er is variatie tussen de verschillende voorbeelden van de deeleconomie maar gemiddeld wil 43,8 procent deelnemen als gebruiker (dus iets lenen, huren, kopen van een ander) en 31,9 als aanbieder (dus iets uitlenen, verhuren, verkopen aan een ander). Maar liefst 84,1 procent van de respondenten zou op zijn minst aan één van de gevraagde voorbeelden mee doen. Twee op de drie respondenten zou een buurtgenoot mee laten rijden en vier op de vijf respondenten zou zijn boor uitlenen aan een buurtgenoot. Een overzicht van alle resultaten staat in onderstaande tabel.

     

    Tabel bereidheid delen in procenten

     

    Er zijn veel verschillende motieven om deeleconomie platformen te gebruiken. Respondenten vinden het fijn om een ander te helpen, leuk om de buurt beter te kennen en ook fijn om gewaardeerd te worden. Daarnaast is het besparen dan wel verdienen van geld belangrijk en speelt ook het verminderen van de impact op het milieu een rol. Ook aanbeveling wordt aangeduid als belangrijke reden om je in te schijven bij een deeleconomie platform. Verder is vertrouwen van buurtgenoten belangrijk. Tot slot helpt het ook als respondenten al ervaring hebben met online marktplaatsen zoals Marktplaats of offline marktplaatsen zoals tweedehands winkels.

    In het onderzoek is rekening gehouden met een aantal demografische factoren. Hieruit blijkt dat hoger opgeleiden meer geneigd zijn deelplatformen te gebruiken. Hetzelfde geld voor vrouwen ten opzichte van mannen. Bij een hoger inkomen gaat de bereidheid licht omlaag. Interessant is ook de hoge bereidheid van verschillende allochtone bevolkingsgroepen. Het belangrijkste resultaat is dat ook mensen van 35 jaar en ouder graag deelnemen aan de deeleconomie. Dit is belangrijk omdat sommigen geloven dat de deeleconomie een product van en voor de digitaal opgegroeide millenials zou zijn (20 tot 35 jaar). Dit onderzoek laat zien dat de deeleconomie potentieel heeft binnen alle demografische groepen.

    Verschillende mensen willen om verschillende motieven gebruik maken non-password sex sites van een grote variatie aan deeleconomie platformen. Het is juist deze variatie aan mensen, motieven en mogelijkheden die het fundament vormen van de deeleconomie. Aan de hand van de bevindingen van dit onderzoek mag er gezegd worden dat de snel groeiende deeleconomie hard door zal groeien de komende jaren. Dit wordt nog eens ondersteund door het feit dat gemiddeld 90 procent van de respondenten geen van de bestaande deelplatformen kent. Dit is een steun in de rug voor deze platformen. Dit groeipotentieel is mooi voor iedereen die al ‘deelt’ en ook voor degene die dat nog gaan doen in de nabije toekomst. Het is immers zo dat hoe meer mensen spullen en diensten delen, hoe meer er ook beschikbaar komt voor iedereen. Zo worden we dus allemaal steeds rijker, worden buurten fijner en veiliger, en laten we een gezonder milieu achter voor toekomstige generaties.

    Tot slot duidt dit onderzoek op een fundamentele verandering in de maatschappij. De deeleconomie is en wordt een fundamenteel onderdeel van de ‘participatie’ maatschappij die in de eerste troonrede van koning Willem Alexander benoemd is. Daarom is het belangrijk dat overheden kennis nemen van de deeleconomie en tot een optimaal beleid komen om de win-win-win situatie die deze nieuwe participerende economie biedt, zo goed mogelijk te benutten. Ook is er meer onderzoek nodig naar zowel de potentie van het delen als ook de fricties tussen de geldeconomie en huidige wetgeving. Tot slot is het voor ieder bedrijf aan te raden om te achterhalen wat de deeleconomie te bieden heeft voor toekomstige businessmodellen. De frontrunners van vandaag zijn de koplopers van morgen.

    De complete thesis (Engelstalig) is te vinden via deze link

    Voor meer informatie:
    Pieter@sharenl.nl
    Twitter: @P_vd_Glind
    www.deelecenomie.nl
    www.sharenl.nl
    www.collaborativeconsumption.com (Engelstalig)

One Responseso far.

  1. […] wordt dan het bezit ervan. Ruilen, delen, lenen en huren nemen de plaats in van kopen. Uit onderzoek in Amsterdam blijkt dat maar liefst 84 procent van de inwoners daaraan wil meedoen. In Nijmegen is […]